Om over na te denken december 2019

In beeld

De laatste maanden ben ik weer eens wat vaker bezig met fotografie. Een vriend leende me een goede camera en die ben ik aan het uitproberen. Uitproberen betekent dat ik me heb voorgenomen alleen foto’s te maken waarbij ik de instellingen voor tijd en licht zelf kies. Dus maak ik geen gebruik van de gemakkelijke en snelle automaat met de standaardinstellingen. De meeste foto’s zijn dus gewoon mis. Te donker of te licht, of onscherp. Het is veel oefenen, veel fouten maken en veel weggooien.
Ik kom er langzaam achter hoe het werkt met voorgrond en achtergrond op een foto. Waar richt je je op als je een foto wilt nemen? Moet er iets speciaals extra aandacht krijgen? Moet er een helder beeld ontstaan van wat er allemaal te zien is? Of moet zowel het ene als het andere goed en vooral scherp te zien zijn en kan dat dan wel? Waar ga ik staan? Dichterbij misschien of juist wat verder af? Neem ik een hoog standpunt in of ga ik diep door mijn knieën? Welke focus kies ik? Waar richt ik mijn oog/het oog van de camera op en hoeveel licht wil ik op het object in beeld toelaten?
U ziet het: vragen en keuzemogelijkheden genoeg. Een mooie bezigheid met vele uitdagingen en soms verrassende resultaten.

Het is voor mij maar een kleine stap van de fotografie naar het “echte leven”. De vraag die ik stel is: hoe kijk je als mensen naar elkaar? In je straat, in je werk, in de kerk? Wie staat of wie staan op de voorgrond en wil je scherp in beeld krijgen of houden en wie heb je liever wat vager op de achtergrond of helemaal uit beeld? Welke keuzes maak je daarin? Zijn het altijd dezelfde mensen die je scherp in beeld hebt, die alle aandacht van je krijgen? Of kies je bewust anders: wie zou het nu nodig kunnen hebben dat ik hem of haar echt even spreek, alle aandacht geef? Misschien iemand die je nauwelijks kent of lang niet hebt gezien of gesproken. Misschien iemand die voor jou meestal op de achtergrond staat.
Wat en hoe je kiest is deels gebonden aan wie je bent. Sommigen zijn in staat om met veel mensen, al is het soms maar heel even, echt contact te maken en weer verder te gaan. Bij wie je toch het gevoel hebt gezien te zijn. Mensen die als vlinders van bloem naar bloem fladderen. Anderen ervaren dit juist als oppervlakkig en willen liever hun aandacht, hun focus richten op één of twee personen. Ik vind het altijd mooi om deze verschillen te zien als we na de zondagse dienst als broeders en zusters aan de koffie gaan.

Hoe zou dat met God zijn? Kun je God ervaren als een persoonlijke God die jou scherp in beeld heeft en een relatie met je is aangegaan? Of is God vooral ver weg en eeuwig? Een God die alles scherp in beeld heeft, alles wat zich in Zijn schepping afspeelt beziet, maar op grote afstand, onbewogen, niet relationeel. Misschien ervaar je soms zo’n God, als een God die na de schepping afstand heeft genomen van wat Hij gemaakt heeft en ons laat aanmodderen. In bijvoorbeeld de Psalmen vind je liederen die dergelijke gedachten als een aanklacht en een schreeuw om hulp laten klinken.
De Bijbel staat gelukkig ook vol met verhalen van mensen die wél een persoonlijke God hebben ervaren. Mensen die scherp in beeld zijn gekomen, die zich geraakt voelden door Gods aandacht en liefde en aan de slag zijn gegaan met een opdracht. Voorbeelden genoeg: de aartsvaders, profeten en leiders van het volk Israël, Johannes de Doper, de leerlingen van Jezus, Paulus, gewone mannen en vrouwen in de eerste christelijke gemeenten. Allemaal mensen zoals u en ik, die in de stilte, in gebed, in de Bijbel, in een ontmoeting met een ander mens, in de natuur of waar en hoe dan ook, een persoonlijke relatie met God hebben kunnen ervaren. Een relatie die je niet onveranderd laat en die leidt tot actie.

In deze maand vieren we het feest dat ik als volgt wil typeren: God wil ons zó scherp in beeld hebben dat Hij zelf een tijdje onder ons komt leven. De geboorte in onze wereld van Jezus die de Christus is, lijkt op een foto die God neemt waarop ieder mens die ooit geleefd heeft en die nog zal leven voor eeuwig in beeld is, voor altijd gezien is en wordt bewaard. Totdat alles nieuw wordt.
De God van wie wij mogen getuigen is dus een relationele God. Dat is met Zijn geboorte in deze wereld wel heel erg duidelijk geworden. Een God die bewogen is. Blij als er bij mensen vreugde is en verdrietig als er lijden is. Een God die ook een Schuilplaats en een Trooster wil zijn.

Gevoed door zo’n relatie is voor ons maar één antwoord mogelijk. We hebben de opdracht de ander in beeld te krijgen en centraal te stellen. De ander op de eerste plaats te zetten en niet onszelf. Een lastige boodschap in deze tijd waarin het vooral draait om het eigen ego en je eigen identiteit. Alleen als je scherp stelt op de ander kun je mens worden zoals een mens behoort te zijn. Dat is een opdracht waar je je hele leven mee bezig bent. Gelukkig hoef je dit niet alleen te doen. Immers je bent en blijft onder de hoede van God. Hij zal je beschermen en niet loslaten.

Herman de Boer